vrijdag 5 april 2019

Grote Markt, Tilburg

Ja, ja je kan wel lachen om die midgetgolfbaan hier voor de deur. Maar het werkt wel. De snelheid is er uit, onze gasten kunnen met een iets geruster hart oversteken. En er is al zoveel naars gebeurd op die Schouwburgring, ik wil er niet aan denken. Dus wat mij betreft laten we het nog een tijdje staan. En trouwens, er gebeurt nog iets door die groene vlakken en plantenbakken. Mensen kijken anders naar de straat die voorheen een snelweg leek. Het zou zo maar eens de voorbode kunnen zijn van iets anders, iets beters.

Je weet, ik droom al langer van een groot stadsplein hier voor de deur. Van de schouwburg tot voorbij het paleis. En de laatste tijd hebben we daar met veel mensen dan ook vaak over gepraat. Over hoe dat zou kunnen, hoe dat er dan uit zou kunnen zien. En plots is het in een versnelling geraakt. Want toen de stedenbouwkundig tekenaar zijn pen op het papier zette ging bij velen het hart sneller kloppen. In digitaal dromenland is het groen groener en schijnt altijd de zon.

Deze week besloot het college van burgemeester en wethouders van deze stad dat we naar een nieuw stadsplein gaan streven, naar een zogenaamd ‘Stadsforum’. Dat we dat lelijke Koningsplein zo snel mogelijk moeten vergeten. Dat je er moet kunnen wonen in het groen. En je weet als toekomstbeelden en dikke koersdocumenten verschijnen, dan gaat het nog wel een jaartje of tien duren voor het allemaal zover is. Dus ontspan en wees geduldig. Er moet nog zoveel worden uitgezocht, uitgedacht, geregeld en onderhandeld.

Hoewel, sommige dingen gaan sneller. Dan moet je als gemeente alert zijn en snel handelen. Misschien heb je het al gehoord, maar de Tilburgse rechtbank is geen rechtbank meer. De strafzaken worden al een tijdje in Breda afgehandeld en het gebouw komt op korte termijn leeg. En het bisdom twijfelt welke kerk in de binnenstad open blijft en welke sluit. Dat zou zo maar eens de Heikese Kerk kunnen zijn. En als die kerkdeur op slot gaat komt ook vast die fraaie pastorie op de hoek van de Zwijssenstraat op de markt. De vastgoedmarkt bedoel ik.

De vaststelling van dat streefbeeld voor het ‘Stadsforum’  komt daarmee precies op het goede moment. Als je wil dat er over een aantal jaar een levendig plein is ontstaan in het hart van de stad, dan moet je nu wat doen. Voorkom dat die pastorie een woonhuis wordt, die rechtbank een advocatenkantoor en die kerk een tochtige ruïne. Ga naarstig op zoek naar activiteiten die culturele waarde toevoegen aan dat mooie plan, die publiek aantrekken naar het hart van de stad, die er voor zorgen dat alles klopt.

Ik droom graag verder. Van een Villa Pastorie Centraal, van een Centrum voor Beeldende Kunst en Architectuur, van de grootste boekwinkel van het Zuiden in het Paleis en van podiumkunsten op een plek waar nu nog erediensten worden voltrokken. En bovenal droom ik van een gevuld plein met drie keer per week markt, klassieke concerten in de lentezon en kermis in de zomerhitte. Het zou zo maar kunnen en samen met mijn culturele collega’s draag ik graag mijn steentje bij. Laten we tegen die tijd ook een passende naam bedenken voor het grote plein in deze grote stad. Ik heb al een idee, jij ook?

maandag 25 maart 2019

Geraakt

De week begon met schietpartijen, eerst ver weg, later akelig dichtbij. Op woensdag ontvingen we Nasrdin Dchar voor zijn voorstelling ‘Ja’ in de schouwburg. Het is zijn derde solo, eerst maakte hij een voorstelling waarin het verhaal van zijn moeder centraal stond, de volgende ging over zijn vader en deze ging over hemzelf. Of nee, hij ging over de relatie met zijn vriendin. En waarom het hem vijftien jaar kostte om haar ten huwelijk te vragen terwijl je dat in Marokko samen met je ouders normaal toch binnen een paar maanden geregeld hebt. Het was een schaamteloos eerlijke voorstelling. Op gezette momenten zat ik met een dikke keel te kijken.

Kunst wordt pas kunst als die het particuliere weet te ontstijgen. Als je als theatermaker iets ten tonele voert dat zeggingskracht heeft voor een hele zaal. En zo was het zeker dit keer. Nasrdin nam ons mee in zijn worstelingen met de liefde, met zijn overtuigingen en met de angst voor de opvattingen van zijn ouders. Tegelijkertijd vertelde hij oprecht geëngageerd het verhaal van een samenleving die worstelt met diversiteit. Dat het nu eenmaal eenvoudiger is verschillen uit te vergroten en afstand te nemen, dan ze te overbruggen en naar elkaar toe te bewegen.

In de sleutelscene van het stuk staat hij te razen en te tieren. Hij verwijt daarbij niet alleen zichzelf van alles, maar ook de Nederlandse maatschappij die hem niet laat zijn wie hij kan zijn. Terwijl hij met zijn achtergrond zoveel moois heeft in te brengen. Plots gaat het niet meer over een eenvoudig Romeo en Julia verhaaltje, het gaat over hoe wij in dit land samen willen leven. Of niet. Want we generaliseren allemaal, we zien alleen maar wat we willen zien en houden voor de rest de ogen gesloten. Juist nu moet je met elkaar verder, bergen beklimmen, kloven overbruggen, verschillen betwisten. ‘Als je tijd geeft aan moeilijk, wordt moeilijk makkelijk.’

Het einde van de voorstelling was magisch, ik was geraakt, de tranen stonden me in de ogen. De hele zaal voelde zich verbonden, we keken hem aan, het licht ging uit en er volgde een ovationeel applaus. Soms is theater zo briljant, soms worden op het podium zaken aan de kaak gesteld en verhelderd waar we het in het dagelijks leven niet uitkomen. Ik snoot mijn neus, deed een rondje door de foyer en liep naar zijn kleedkamer. Nasrdin bleek volledig van slag. Met het hoofd tussen de schouders tuurde hij op zijn mobieltje naar de voorlopige uitslagen van de provinciale verkiezingen. In Zeist hield een politicus een overwinningsspeech die indruiste tegen alles waar deze acteur in zijn eentje voor staat.

De dagen daarop stelde ook ik mezelf die vraag. Moeten we als Theaters Tilburg niet iets doen? Wat kan ik als theaterdirecteur doen in deze polariserende samenleving, moet ik niet een daad stellen? En zo ja, wat dan? Een brief sturen aan die mijnheer Baudet om uit te leggen dat hij het helemaal mis heeft? Heeft hij daar een boodschap aan dan, wat doet mijn mening ertoe naast al die ingezonden stukken in de krant? En na een weekend overpeinzen is het antwoord glashelder: we moeten doen wat we kunnen doen.

En dat doen we bij Theaters Tilburg al heel goed. We kunnen je met schoonheid even onttrekken aan de waan van de dag, we kunnen je ontspannen als het allemaal even te spannend wordt. En we bieden mensen een podium die wat te vertellen hebben, die een beeld schetsen van de wereld zoals zij die zien of zouden willen zien. Cabaretiers met een stellige mening en vooral ook theatermakers die meer bevragen dan bevestigen. Die zich af durven te vragen waarom de dingen zijn zoals ze lijken te zijn. Die je dwingen om een mening aan te horen, ook als je dat niet fijn vindt. Soms ben je het nu eenmaal niet eens, kijk je heel anders naar de wereld.

Gelukkig mag je dat in dit land uitspreken. En of je nu wit of zwart, links of rechts bent, of vijftig tinten daartussen, we hebben allemaal twee oren en slechts één mond. Daarin schuilt een simpele opdracht: luister twee maal zoveel als dat je spreekt. En als de boodschap van de ander je niet bevalt, tel tot tien en stel jezelf de vraag hoe je dichter bij die ander kan komen. Ik hoor je.

woensdag 5 december 2018

Uit liefde voor de stad

 deze foto is van Jostijn Ligtvoet
Sinds deze zomer is op onze fraaie luifel bij de entree een onooglijk bordje geschroefd waar cultuurkwartier op staat. Het is een van de zogenaamde sfeergebieden in de binnenstad . Op plattegronden worden de gebouwen en straten van Factorium, Fontys Hogeschool voor de Kunsten en die van Theaters Tilburg bruin gearceerd. Laten we zeggen dat het een mooi begin is om de samenhang van deze gebouwen in de stad zichtbaar te maken.

 het cahier verweven stad vind je hier
Vorige week mocht ik in kleine kring luisteren naar Ludo Hermans, een fluisterende Vlaming die zich al jarenlang bezig houdt met de stedenbouwkundige ontwikkeling van onze stad. Ik voelde me bevoorrecht, want hij vertelde me zaken die volslagen nieuw waren. Ook al was de kennis die hij deelde over de plannenmakerij in Tilburg al decennia oud. Ik spitste mijn oren toen hij sprak over mijn dagelijkse omgeving, over een belangrijk stukje Tilburg dat met de komst van de Cityring in de jaren vijftig bruut werd gescheiden van het oorspronkelijk centrum. Het zijn prikkelende feiten en bespiegelingen die zijn verzameld in het cahier Verweven Stad dat hij heeft samengesteld.

Waarom prikkelend? Wel, sinds ik in Tilburg werk heb ik me verwonderd over de ligging van de schouwburg en concertzaal. Op de een of andere manier lijken deze monumentale gebouwen niets te maken te hebben met andere belangrijke publieke gebouwen zoals de Heikese Kerk, het gemeentekantoor, het paleis-raadhuis, de rechtbank en de pastorie. Het is alsof ze zonder verbinding elk op hun eigen eilandje voornaam staan te wezen. Die verwevenheid is ver te zoeken terwijl dat in vrijwel elke Brabantse stad anders is. Daar staan de kerk, het raadhuis en de kroeg aan de Markt. Wat daarmee vaak het meest prominente plein van de stad is.

Het is al weer enige jaren geleden dat ik met regisseur en artistiek leider Matthijs Rümke zat te mijmeren over de ontwikkeling van de schouwburg en concertzaal. Toen ik klaagde over het verkeer op de Cityring en de beperkingen van die weg voor activiteiten overdag in ons restaurant en de foyers, riep hij me op groter te denken en met meer verbeeldingskracht te dagdromen. Hij was het die me aanspoorde om onbekommerd te streven naar een groot plein in het hart de stad. Een markplein dat begint bij onze voordeur en dat zich uitstrekt tot de achterdeur van het paleis van de koning. Een vlakte zonder auto’s die plaats biedt aan de weekmarkt, de Meimarkt, de Kermis, Tilburg Zingt, Tilburg Culinair en natuurlijk de Summer Singalong van de Nederlandse Musical Dagen. Al hadden we dat nog niet bedacht toen Matthijs er nog was.

In de loop der jaren heb ik die gedachte links en rechts eens gedropt, zonder er ooit echt werk van te maken. Totdat het nu plots weer actueel is. Het college van B&W heeft namelijk de gezamenlijke planteams van het Koningsplein en het Willemsplein gevraagd na te denken over de gewenste ontwikkeling van het Zuidelijk deel van de binnenstad. En dat cahier van Ludo Hermans biedt daar heel veel inspiratie voor. Een van de plaatjes is namelijk al weer bijna 25 jaar geleden getekend door Jo Coenen. Hij tekende het plein nog lang voor ik het ooit kon dromen. Met een Schouwburgring die onder de grond duikt bij de rechtbank om pas ergens bij onze achterdeur weer op maaiveld terecht te komen.

Dus dat is waar ik deze dagen voor pleit. Benut dat lelijke  Koningsplein voor woonbebouwing en fraaie groene openbare ruimte en verbind daarmee de Piushaven aan het kernwinkelgebied. En verhuis al die activiteiten die je ooit daar bedacht naar het nieuwe Willemsplein. Benut de Rechtbank en Pastorie voor nieuwe publieke activiteiten en omzoom dat plein met fraaie bomen zoals op de Bossche Parade. Daarmee ontstaan kansen voor de stad waar ook jij niet eerder van durfde te dromen. En doe dat niet voor mij, doe het uit liefde voor de stad.

---

De presentatie van het cahier Verweven Stad is op 11 december in Theaters Tilburg, aanmelden doe je hier. Oh ja, voor Tiaff mocht ik eerder dit jaar ook over mijn gedroomde plein lopen. Dat filmpje vind je hier. En trouwens, die titel is een knipoog naar een ander boekje.