donderdag 30 juli 2015

Summer nights



Terwijl u geniet van de zomer wordt er hard gewerkt aan een nieuw theater seizoen. Niet iedereen heeft vakantie. Op tal van locaties in het land wordt gerepeteerd en geïmproviseerd, om de zalen straks weer te vullen met dans, drama en muziek. In de studio’s van Albert en Joop aan de Amsterdamse Zuidas werkt de cast van Grease zich in het zweet. Nog even wachten en de nieuwe versie van deze hitmusical gaat op 13 september in Tilburg in première.

Liefdesverhalen zijn al sinds mensenheugenis voer voor drama. Net als bij Romeo & Julia en bij West-side story wordt het pas spannend als er voor die liefde huizenhoge obstakels moeten worden overwonnen. Het is pas leuk als het niet van een leien dakje gaat.  Zo genieten mijn dochters nu al jarenlang van de TV-serie Spangas waar het ene na het andere probleem wordt geïntroduceerd en overwonnen. Tussen al dat gedoe zijn juist die verliefdheden het meest spannend.

Wat me steeds opvalt aan die serie is dat de acteurs een jaar of tien ouder zijn dan de personages die ze vertolken. Met kleding die net te kinderachtig voor ze is en styling die af en toe behoorlijk doorschiet. Maar dat alles maakt de serie juist sterker voor deze specifieke doelgroep. Zo is er tegelijkertijd de serie ‘Brugklas’  waarin tieners zichzelf spelen in een echte middelbare school in Zaanstad. Dat is levensecht en toch halen mijn dochters er de neus voor op.

Toen John Travolta in 1978 invulling gaf aan Danny was hij een jaar of zes ouder dan zijn personage. Dat weet ik vanwege ‘Summer nights’. Daarin bezingt Sandy haar nieuwe liefde en vertelt ze dat hij net achttien is geworden. Zij is een schoolmeisje en natuurlijk wat jonger. In de film dan, want in het echt was Olivia Newton-John destijds al dertig. Nu ik de filmbeelden nog eens terug kijk valt me dat extra op. De actrice was bijna twee keer zo oud als haar personage.

In de nieuwe musical straks is dat net andersom. Vajèn van den Bosch heeft net haar Havo-diploma gehaald en deed de vooropleiding muziektheater hier bij Fontys. Ze is nu net zo oud als haar personage Sandy. Terwijl Tim Douwsma juist negen jaar ouder is dan Danny en inmiddels aardig door de wol geverfd is. Uiteindelijk maakt dat natuurlijk allemaal niks uit. Als ze er maar in slagen om de liefde tussen twee high-school pubers overtuigend op de bühne te brengen.

Ik heb er het volste vertrouwen in dat ze daar in gaan slagen. Ze zijn beiden voorgekookt en klaargestoomd in het mediacircus dat nu eenmaal met de musical business gepaard gaat. We zagen ze zingen in talentenprogramma’s, presenteren op TV en acteren in eerdere musicals van Verlinde. Eind augustus beginnen ze met hun try-outs en tijdens de musical-sing-a-long op de Uitmarkt kan u zien of het allemaal gaat lukken met die première.

Net als u neurie ik de hitsongs van Grease ongehinderd mee: ‘Grease’, ‘Summer Nights’ en ‘Hopelessly devoted to you’. Maar er is ook dat dramatisch slechte liedje van een meisje uit Valkenswaard dat kort na de film de hitlijsten bestormde. Anita Weijers was zo brutaal om ‘Sandy’ als artiestennaam te kiezen en scoorde met ‘Mama ik ben verliefd op John Travolta’ een heuse hit. Zou er straks uit de schare bewonderaars van Tim wederom een meisje opstaan om hem te bezingen? Wie weet. Want verliefdheid is altijd actueel, net als het drama dat er op volgt.

dinsdag 30 juni 2015

50 jaar

Omdat de Eindhovense schouwburg vijftig jaar bestaat heeft schrijver en toneelmaker Oscar Kocken vijftig herinneringen opgetekend. Zo belandde mijn verhaal uit 1980 in een fraai boekje ter gelegenheid van dat jubileum. Dit keer een heuse gastcolumn in 'steen voor steen'.


Ik ben een kind van een groot gezin - zeven kinderen – en ik ben de middelste. Wij waren een gezin dat niet naar de schouwburg ging, daar hadden we helemaal geen geld voor. Dat was voor ons simpelweg niet weggelegd. Mijn vader was machinebankwerker in een fabriek in Best, dan koop je niet zo snel een kaartje voor het toneel.

1980 was voor mij een kanteljaar. Het was tijd voor de middelbare school en ik veranderde mijn naam. Mijn ouders hadden me gedoopt als Robbie, maar ik vond mezelf groot en volwassen, dus voortaan werd het Rob. En het was op die school dat ik voor het eerst in de schouwburg terechtkwam. Daar zat het gewoon in het pakket, het hoorde erbij, twee of drie keer per jaar. Dus ik kruiste maar iets aan, een voorstelling van Studio Hinderik, geen idee waarom, waarschijnlijk omdat vriendjes het ook deden. Iets met poppen was het. Het was mijn eerste keer in het theater en ik vond het helemaal niks.

Later dat jaar moest ik nog eens. Deze keer had ik gekozen voor iets waarvan ik dacht dat het cabaret was, kwam die vent verdorie ook weer met poppen! Deze man maakte echter wél indruk: Jozef van den Berg had de kwaliteit om van dode dingen - een zakdoek, meer niet - iets te maken wat wel begon te leven en hij wist me erin mee te zuigen. Hij was ook op reis met een familie, die hij bij zich had in een koffer. Ik denk dat dat mij raakte omdat ik zelf uit zo’n grote familie kwam en me daarvan losmaakte. Ik ging atheneum doen en mijn broers werden schilder, kok en chauffeur. Ik niet, ik mocht studeren. Ik was de professor, mijn broertjes plaagden me daar mee.

Op de TU studeerde ik bedrijfskunde. Daar bij het studententoneel van Doppio ontstond het theatervuur pas echt, ik wist het zeker: ik word schouwburgdirecteur! Maar ja, niemand zat op mijn vierentwintigste op me te wachten. Ik heb jarenlang consultancywerk gedaan, tot ik veertig werd en besefte dat het hoog tijd werd voor die oude droom. En nu doe ik dat al negen jaar, waarvan vier in Theaters Tilburg. Het mooie is: als je bedrijfskunde hebt gestudeerd kun je baas worden van een koekjesfabriek, maar aan koekjes kan een mens zich overeten. Bij theater niet, dat kan ik zo veel zien als ik wil.

Ik ben blij dat die eerste kennismaking met theater mij destijds niet heeft tegengehouden. Meer en meer besef ik dat kunst ook een talent vergt van het publiek: durf je maar eens open te stellen en te denken: verwonder mij maar. Bij Studio Hinderik lukte mij dat die eerste keer nog niet, maar later heb ik die knop gelukkig alsnog gevonden. En ook al zie ik heel veel, nog steeds laat ik mij raken. Overigens wel makkelijker bij dans en muziek dan bij toneel. Blijkbaar is het gevoel dat dáár wordt overgebracht zo sterk dat je een slag overslaat: niet denken, maar voelen. 

We zitten toch al in een wereld waarin je continu moet oordelen, het is een heel prettige ervaring als dat analytische even achterwege mag blijven. Dan merk je weer dat wat in je hart plaatsvindt veel waardevoller is dan wat er in je hoofd gebeurt. Je krijgt er een dikke keel van en hoewel je wéét dat het flauwekul is, dat die man ook maar staat te doen alsof, toch komt het binnen. Zeker bij jeugdtheater werkt dat zo, dan voel je dat er nog steeds een kind in je schuilt dat soms gewoon heel even wil worden aangeraakt.

(c) Oscar Kocken.

Zie ook de site van Parktheater Eindhoven

donderdag 28 mei 2015

Roze regenboog


Er jengelt al een hele week een K3-liedje in mijn hoofd. Dat hoorde ik als achtergrondmuziekje op het journaal bij een item over zogenaamde ‘zwarte scholen’ in Amsterdam-Zuid. Ik hoor flarden tekst van zingende kindjes in witte shirts. Afrika tot in Amerika. Alle kleuren van de regenboog. Verdraagzaamheid, verdraagzaamheid. Tegelijk flitsen beelden langs op mijn netvlies. Van die twee zielsgelukkige Ierse mannen gewikkeld in een regenboogvlag, die poster van die pro-gay campagne in Rusland die slecht viel en van die minister-president van Luxemburg die twee weken terug trouwde met zijn geliefde.

Op de achterkant van de VPRO-gids van deze week lees ik reacties van kinderen op een brief van een verward meisje van dertien. Vorige week schreef ze namelijk dat ze met een vriendin had gezoend en dat ze zich nu afvroeg of ze lesbisch was. Die reacties zijn hartverwarmend. Dat het niet uitmaakt met wie je zoent en van wie je houdt. Dat je helemaal niet hoeft te kiezen en vrolijk uit moet vinden wie je bent. Zijn Nederlandse kinderen zo tolerant? Of is dat de typische selectie van de VPRO-redacteur?

Want eerder las ik dat uit onderzoek van het SCP blijkt dat we in Nederland wellicht minder tolerant zijn dan we denken. Steeds meer Nederlanders staan dan wel positief tegenover lesbiennes, homo's, biseksuelen en transgenders, maar twee zoenende mannen in het openbaar wordt door 35% als aanstootgevend beschouwd. Op een enkele drammende dominee in de bible belt na is iedereen eigenlijk wel voor gelijke rechten, maar dan moet je wel normaal doen en je niet te opvallend en gay gedragen.

Ik weet niet zo goed hoe dat in andere landen is. Al heb ik wel enig idee. Binnen Europa kunnen mannen en vrouwen geloof ik vrijen en trouwen met wie ze maar willen, ongeacht geslacht. Daarbuiten is de wereld heel anders. Het ligt er maar aan waar je bent. Uit rapporten van Amnesty International herinner ik me nare teksten over zware straffen, martelingen, brute praktijken en steniging. Daar is de verdraagzaamheid ver te zoeken.

In Tilburg lijkt dat allemaal niet aan de hand. Daar hebben we Roze Maandag en dansen in juli straight en gay eendrachtig dronken door de straten. Dat doen ze hier komende zomer al weer voor de vijfentwintigste keer. Tijd dus voor een feestje. Maar ook voor wat herbezinning. Het Brabants Dagblad vroeg zich af of het allemaal nog wel zo nodig is. Of dat roze gebeuren zich eigenlijk wel tijdens de kermis moet afspelen. Omdat we elk ander moment ook zo’n roze festijn zouden kunnen aanrichten. Ik denk van niet, ik denk dat je zo’n traditie op de grootste kermis van het land moet koesteren. En dat het tijd is voor een extra (en cultureel gezien wat hoogwaardiger) feestje.

Vandaar dat Theaters Tilburg en de Stichting Roze Maandag de handen ineen hebben geslagen en een groots gala organiseren. Als aanjager van een campagne die gaat over verdraagzaamheid. Die pleit voor het simpele feit dat iedereen hand in hand over straat moet kunnen lopen. Vandaar dat die avond op 2 juli in de schouwburg het ‘hand-in-hand gala’ is gedoopt. Het belooft een burlesque late night te worden onder aanvoering van Sven Ratzke. Deze internationaal entertainer reist met zijn shows van Berlijn naar New York, via Londen naar Tilburg. Met bluesy Duitse liederen van Kurt Weil, samen met sopraan Clarron Mc Fadden. Met de sappige soul van Shirma Rouse in een sausje van circus, cabaret en sterke live muziek.

En iedereen mag komen. Of je nu roze bent of grijs. Bouwvakker of business bobo. Zwart of wit. Of alle kleuren van de regenboog. Die avond praten we niet over verdraagzaamheid. Nee we bouwen een feestje om het te vieren, om het te laten zien. Met een grootsheid en een allure die past bij wat je van Theaters Tilburg mag verwachten. Dus twijfel niet, kom en dress to impress.