Posts tonen met het label voorverkoop. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voorverkoop. Alle posts tonen

zondag 31 augustus 2014

Turbulent

We leven in een rare tijd. De wereld staat in brand. Tenminste, daar lijkt het wel op. De TV toont onthutsende beelden die dagenlang op mijn netvlies branden. Vreemd, tegelijkertijd verkopen wij bij Theaters Tilburg kaartjes en beloven ook wij u onvergetelijke momenten.  Het contrast lijkt groter dan ooit. Al is dat niet zo. Onoplosbare vraagstukken vragen om creativiteit, om verbeelding. De kracht van de kunsten schuilt voor mij altijd in het vermogen om de dingen anders te zien, vanuit een ander perspectief, door andere ogen. De waarheid bestaat niet, alleen perceptie telt. Er is altijd één oplossing meer dan je ziet. Voor grote én voor kleine problemen. Tenminste, dat geloof ik. En als je iets gelooft, dan is het zo.

Zo net na de vakantie is het voor een theaterdirecteur razend druk. We maken ons op voor een nieuw seizoen. We zien de kaartstanden en weten dat u als gast aarzelt, of op zijn minst een beetje afwacht. Was het voor het gros van de Tilburgers tien jaar geleden nog heel normaal om voor een heel seizoen theaterkaarten te kopen, nu leven we bij de waan van de dag. Dus is het voor ons zaak om zoveel mogelijk uw aandacht te trekken voor de veelbelovende voorstellingen en concerten in ons programma. Dat doen we gelukkig niet alleen. Ook de producenten zijn zich er van doordrongen dat ze zich landelijk moeten laten zien. Dus deed iedereen verschrikkelijk zijn best op de podia van de Amsterdamse UITmarkt dit weekend. Ik hoop dat u het een beetje hebt gevolgd op TV en in de kranten.

Maar goed, ik denk niet alleen aan kaartstanden, ook de veranderingen in ons gebouw vragen om aandacht. Ik ben erg benieuwd hoe u ons gerestylde restaurant gaat waarderen. Het is gewaagd dat nieuwe ontwerp, ik weet het. In economisch spannende tijden moet je bewegen. Wie stil zit wordt overreden. De Tilburgse binnenstedelijke horeca is deze maanden druk aan het investeren. Er zijn mooie plekjes bijgekomen, maar gelukkig is er maar één restaurant Lucebert. Dus kom maar eens eten, straks als u weer onze voorstellingen bezoekt.

En natuurlijk zijn ook ambtenaren, raadleden en wethouders teruggekeerd van vakantie. Om zich te storten in de voorbereidingen voor de begroting 2015. In de zomer is een perspectiefnota geschreven. Ik ben blij dat een deel van de suggesties uit mijn vorige blog aansluit op de accenten die het college legt op het terrein van cultuur. Die match is niet vreemd. Dat is het mooie van democratie, dat de mensen die we samen hebben verkozen met ons overleggen. Ja toch? Vandaar dat ik bij de inspraakavond kan bevestigen dat niet alleen ik, maar ook mijn culturele collega’s zich wel kunnen vinden in de accenten uit die nota.

Ik weet niet of u die nota heeft gelezen. De accenten zijn herkenbaar, doch daarmee niet minder belangrijk. Het gaat over talent dat de kans moet krijgen zich te ontwikkelen, over de ambitie om iedereen van dat fraais te laten genieten, over het sterk houden van de culturele voedingsbodem en tenslotte over het zichtbaar maken van het toptalent dat deze stad herbergt. Natuurlijk zijn we het daarmee eens. Al maken we ons zorgen. Want met al die bezuinigingen van de afgelopen jaren en stijgende vaste lasten is de ruimte om in te spelen op de eisen van de tijd steeds krapper geworden. We vallen nog niet om, maakt u zich geen zorgen, maar ook in de cultuursector is niets meer vanzelfsprekend.

We maken in deze tijden keuzes en concentreren onze aandacht. Wat de gezamenlijke evenementen betreft richten we ons volgende maand op de Cultuurnacht en de Dansdropping. Dat betekent dat het charmante gratis nieuwjaarsfestival Frisse Oren sneuvelt. Een simpele afweging van kosten en baten, van inspanningen versus bereik. Al doen dat soort keuzes wel pijn, de laagdrempeligheid van onze podia wordt immers aangetast. Maar goed, we laten ons niet uit het veld slaan. Binnen de nauwe marges waarbinnen we nu werken blijven we open staan voor nieuwe projecten, voor nieuwe makers op onze podia. Gelukkig heeft het college daarvoor wat middelen gereserveerd. Ze kunnen er op rekenen dat wij er, samen met de andere cultuurinstellingen uit deze stad, de schouders onder zetten. Want al zijn deze tijden turbulent en lastig te vatten, together we stand.

Oh ja, morgen mag ik namens negen Tilburgse cultuurbedrijven inspreken bij de gemeenteraad. Die tekst vindt u hier.

vrijdag 30 mei 2014

De economie van gebakken lucht

Als directeur voel ik me in deze lentedagen soms een verkoper van gebakken lucht. Keurig gedocumenteerd, met mooie plaatjes en dito praatjes in een glossy brochure en op een strakke nieuwe website. Het klopt, de mensen die u op de foto’s ziet herkent u wellicht van eerdere bezoeken aan ons podium, of van TV. Alleen zijn zij niet te koop, hun beloftes wel. 350 onvergetelijke avonden, beloftes die soms pas over meer dan een half jaar worden ingelost.

Gelukkig verlangen we met z’n allen naar het moment dat het weer zover is. Een theaterervaring begint met het lezen van de titel, nog lang voor de voorstelling zelf bestaat. En in enkele seconden weet u het, hier wil ik naartoe. Al wordt er aan menige Tilburgse keukentafel druk gediscussieerd over de blauwe en rode kruisjes die de echtelieden in onze brochure hebben gezet. Het bestellen is een eitje, dat stelt steeds minder voor en gaat elk jaar weer sneller.

Al geldt dat niet voor alle voorstellingen. Soms moet u echt veel moeite doen. Dit jaar kan u ouderwets in de rij aan de Schouwburgring voor Najib Amhali. Dat hebben wij niet bedacht, dat was zijn eigen idee. Dus staan er nu al een tijdje dranghekken voor de deur. De beleving van die ene voorstelling van Najib begint vroeg voor degene met de eerste slaapzak vrijdagnacht voor de deur. En als u zelf niet kan of wil, u heeft vast nog wel een neefje dat net zoveel van deze Marokkaan houdt als u.

Het schijnt dat je op lange termijn niet echt gelukkiger wordt van materie, van de dingen die u om u heen verzamelt. Dat zei Guido Weijers tenminste gisteren, die stond op een podium dus dan zal het wel waar zijn. Het schijnt dat wetenschappers dat wel met hem eens zijn. Laatst verscheen er nog een onderzoek dat beweerde dat je van een avond theater net zo gelukkig zou worden als wanneer je meer dan duizend euro bijgeschreven krijgt op je spaarrekening. Ik weet niet of het een Tilburgs onderzoek was, zou kunnen want sommige van onze sociaal wetenschappers bewezen tot voor kort elke curieuze stelling.

Maar toch. Nu het vakantiegeld weer is overgemaakt plaatsen duizenden Tilburgers hun bestellingen aan onze balie en op onze website. Ze zetten die duizend euro extra op hun rekening om in grote namen en grote beloftes. En als de stelling van die onderzoekers waar is, dan is dat economisch gezien volgens mij het slimste wat je momenteel met je geld kan doen. Voor elke twintig euro krijg je meer dan duizend euro aan emotie terug.

Flauwekul natuurlijk. U weet, geluk is niet in geld uit te drukken. Een waarachtige beleving van een prachtig concert of een meeslepende voorstelling al helemaal niet. Dat hoeft ook niet, ik ben al lang blij dat u er nog steeds in gelooft. Dat u vertrouwt dat onze beloftes worden waargemaakt. Jammer genoeg niet allemaal, dat is het risico van uw belegging. Dus zorg dat u wat meer kaarten hebt gekocht, dan bent u verzekerd van enige overwaarde. Dan bent u met die kaartjes op de schoorsteenmantel in uw hoofd en hart een stuk welvarender dan toen uw baas het vakantiegeld aan u overmaakte.

zondag 27 april 2014

De stad en het podium

Tilburgers houden wel van een feestje. De verjaardag van onze nieuwe koning werd dit jaar dan ook met volle overgave gevierd. Carnaval is hier nooit ver weg, voor schmink en pruiken is weinig aanleiding nodig. Horeca-ondernemers voldoen met alle liefde aan de vertierbehoefte van de stedelingen. Dus verrijzen met grote regelmaat podia op onze pleinen en dreunen de discobeats door de straten.

De podiumkunsten lijken populairder dan ooit. Er zijn niet alleen de hele week ’s avonds talentenjachten op TV, als we de kans krijgen klimmen we zelf op het podium of zingen we uit volle borst mee. Tilburg Zingt sluit daar prachtig op aan. Elk jaar verdringen zich duizenden mensen op de Schouwburgring voor een podium met koren en artiesten. Het credo ‘de stad als podium’ wordt letterlijk waargemaakt.

En natuurlijk kan al dat vertier soms een beetje botsen. Zeker als je om de hoek woont of het podium in je voortuin staat. Zoals bij ons. Tijdens de opbouw van het festivalterrein was Boudewijn de Groot in de schouwburgzaal zijn geluid aan het testen voor de avond. Een uitverkochte zaal in het vooruitzicht, zoals hij al jaren gewend is. De technici op straat wilden ook even checken waartoe hun installatie in staat was. Dus dreunde ‘Thriller’ door de Tilburgse binnenstad.

Maar goed, een man als De Groot heeft ook zo zijn grenzen. Geluidsgrenzen dan. Hij werd niet erg gelukkig van dat gedreun buiten. Dus meldde hij me dat hij huiswaarts zou keren als de overlast niet snel zou verdwijnen. Als directeur werd ik een beetje nerveus. Vijftienduizend luid zingende mensen voor de deur en 850 in de zaal. Zou dat wel goed gaan samen? Hoe hadden we dit eigenlijk tegelijk kunnen boeken? Oh ja, die viering van de verjaardag van de koning werd pas bekend gemaakt toen we ons programma voor het nieuwe seizoen al rond hadden. Daar viel niets meer aan te doen, zeker nu niet.

De lijntjes in Tilburg zijn kort. In no time was er een constructief gesprek over decibels en geluidsfrequenties. De batterij van boxen voor onze deur werd uitgeschakeld, de knoppen werden een beetje naar beneden geschoven, De Groot werd gerustgesteld. Even leek ‘De stad als podium’ strijdig met onze opdracht als ‘podium van de stad’, uiteindelijk kwam alles goed. Boudewijn's meest kwetsbare liedjes werden lichtjes inngevuld met de cadans van buiten. Bij ‘Het land van Maas en Waal’ zong ook in de zaal iedereen even uitzinnig mee. Om bij het verlaten van de schouwburg door een vrolijke menigte warm te worden opgevangen.

En volgend jaar? Dan gaat het helemaal goed. Ik weet het al, het programma 14/15 is rond. Stiekem heb ik al een eerste druk van de brochure op mijn bureau liggen. U moet zelf nog tot dinsdag wachten. Dan presenteert Roeland Kooijmans samen met vele anderen de reeks van concerten en voorstellingen die we in het vooruitzicht hebben. En ik zal u vast verklappen, op 26 april 2015 zijn wij ’s avonds gesloten en zingen we uit volle borst mee. Want ook wij houden wel van een feestje bij Theaters Tilburg.

vrijdag 10 mei 2013

Uniek publiek


Het lijkt zo eenvoudig, zo’n theater runnen. Je doet elke avond de deur open en het publiek stroomt toe. Je kijkt glimlachend naar de menigte die zich over de trap en langs de garderobe naar het rode pluche begeeft. Je knikt links en rechts eens naar burgemeester en notaris. Overdag breng je door op terrassen en in restaurants, verheven gesprekken voerend over artistieke uitdagingen met regisseurs en financiers. Het leven van een theaterdirecteur is schijnbaar simpel.

Deze week leek het er heel even op. Er had zich woensdagochtend een aardige rij van kooplustigen gevormd voor de deur aan de Schouwburgring. Klokslag 12 uur draaide ik het slot open en zag hoe de dames van ticketing met gezonde blosjes het publiek in de rij en aan de telefoon van kaartjes voor het volgende seizoen voorzag. Al speelde zich het grootse deel van de drukte uiteraard achter de digitale schermen af. De wachtrij op onze website was al snel langer dan die aan de deur. Terwijl er toch tegelijkertijd meer dan 150 mensen in ons virtuele winkeltje rond mochten struinen. Ze zijn er gelukkig nog, de mensen die al begin mei kaartjes kopen. Voor voorstellingen en concerten die vaak pas over een half jaar gaan plaatsvinden. Al worden er het wel elk jaar een beetje minder.

Dat betekent dat een steeds groter deel van ons publiek pas enkele dagen vooraf besluit om te gaan. Als ze al niet te laat zijn. Want dat heb je nu eenmaal met een theater, die artiest staat niet elke dag op dezelfde plek zijn show af te draaien. Dan komt het er dus niet van, dan heeft u het gemist. En die lege stoel op die ene avond met uw ultieme artiest, die kan ik niet op voorraad leggen voor als u toevallig weer eens zin heeft. Dat was, hoe bijzonder is de wetenschap, deze week dan ook de belangrijkste conclusie van het Sociaal Cultureel Planbureau. Veel mensen willen wel naar cultuur, maar ja, het komt er nu eenmaal niet van. In de vrije tijd kunnen teveel keuzes worden gemaakt, dus kiest het publiek wat voor de hand ligt: de bank thuis. Om zich de dag erna te realiseren dat ze iets hebben gemist.

Natuurlijk leggen wij ons daar niet bij neer. Onze marketeers bedenken de meest geavanceerde trucs om ons publiek te verleiden naar ons toe te komen. Het eenvoudigst zijn daarbij de mensen die door onze gangen lopen. Die weten wel wat voor een fijn personeel we hebben, hoe fraai dat gebouw is, hoe lekker die stoelen zitten, hoe perfect het geluid en het licht is en welke uitstekende neus voor kwaliteit onze programmeur heeft. Nee, veel lastiger zijn de mensen die maar heel af en toe langskomen. Omdat ze een cadeaubon hebben gekregen, eindelijk eens naar Jochem Myjer willen of omdat Ome Ad bij de Tilburgse Revue speelt. Dat publiek kan je niet maandelijks een flyer of mail sturen. Dus proberen we met uitgekiende modellen mensen precies op het juiste moment een impuls te geven. Elke voorstelling kent zijn eigen doelgroep met zijn eigen gebruiksaanwijzing. Iedereen zijn eigen duwtje in de rug.

De vraag is natuurlijk of die doelgroepanalyses enig verband hebben met de werkelijkheid. Ieder mens is immers uniek, elke avond heeft zijn geheel eigen opbouw van individuen. Ook al zijn er overeenkomsten, geen enkele groep scheer je over één kam. Al zijn er wel opmerkelijke publieksgroepen. Neem nu het publiek voor Scapino Rotterdam. Een wonderlijke mix, van hippe gasten met korte baardjes en van die ijsmutsjes tot klassiek schouwburgpubliek dat zich speciaal omkleedt voor ze hier de rode loper betreden. Markante bezoekers, inclusief enkele zusters van liefde. Dat zijn onze achterburen. In donker tenue met kenmerkende witomrande hoofddoek. Glimlachend kijk ik ze aan en realiseer me. Iedereen is uniek, maar sommigen zijn dat iets meer dan anderen.