vrijdag 31 oktober 2014

Niet onopgemerkt



Gaat het Magogo Kamerorkest echt stoppen? Ja, spijtig, spijtig. Er zijn veel memorabele concerten gerealiseerd, zo’n einde is pijnlijk. In de afgelopen jaren is er door veel mensen hard gewerkt om het orkest levensvatbaar te laten zijn.

Waarom het dan toch niet verder kon? Naast de schoonheid in de zaal was daar steeds de economische realiteit, de strijd om het publieksbereik. De afwezigheid van de noodzakelijke speelbeurten in het land voor de unieke producties die Magogo steeds maar weer van de grond wist te tillen.

Wat het meest bijzondere  is dat ik heb meegemaakt met het Magogo? Goh, daar vraag je me wat. Ik denk dat ik het meest werd geraakt door Gerard van Maasakkers met Zomaar onverwacht, het meest in vervoering raakte van de Vier jaargetijden van Astor Piazzolla en dat ik in verwarring was van het batafysische concert van Micha Hamel. En ja, ik ben steeds erg trots geweest op het feit dat de kleurrijke zaal van Jo Coenen en Peter Struyken werd bespeeld door ons ‘eigen’ orkest, met prachtige beelden en een heel eigen gebruik van videoprojectie.

Wie ik zou willen bedanken? Tsja, die lange reeks namen laat ik liever aan de voorzitter van Magogo. Maar weet je? Zonder componist geen muziek, zonder musici geen klanken. Dus hen ben ik het meest dankbaar. En het publiek natuurlijk, dat toch maar steeds haar vertrouwen in het orkest stelde.

Hoe rond je zo’n tijdperk nu gepast af? Als je groots hebt gepresteerd, moet je met allure eindigen. Daarom gelukkig geen requiem, maar een feestelijk slotconcert, met vuurwerk en allerlei mensen die in de afgelopen jaren zo belangrijk waren voor Magogo en voor Concertzaal Tilburg. Het doet nu eenmaal pijn om afscheid te nemen, je kan beter lachen door de tranen heen.

Hoe nu verder? De muziek speelt altijd door. Tegen de stroom in, ook als overheden terugtreden en bedrijven aarzelen. De zoektocht naar een nieuwe orkestpraktijk en nieuw publiek stopt niet, ook niet hier in Tilburg. De meest kleurrijke concertzaal van het Zuiden staat voor een brede en diverse programmering met gevoel voor traditie en een scherp oog voor vernieuwing, met dit seizoen initiatieven zoals Micha’s Mix, Incubated: fluisterzacht en Casual Classics, naast de standards van philharmonie zuidnederland en de Nederlandse Bachvereniging.

Is er toekomst voor concertzalen? Natuurlijk. De kern van wat wij doen is ‘live’. Het draait hier om echte musici, die spelen in het hier en nu. Ik geloof dat niemand de kracht van klassieke muziek kan ontkennen, dat iedereen wel eens mag worden opgetild door virtuoze violen. Daarna luister je nooit meer hetzelfde.

Magogo heeft veel mensen blijvend geraakt. Het is niet onopgemerkt gebleven.

dinsdag 30 september 2014

Directeuren dansen niet


Bij de uitreiking van de Jacques de Leeuwprijs deze zomer werd ik door een Fontys-danseres het podium op getrokken. Ze zette me met de rug naar het publiek en fluisterde me in het oor ‘niets doen, niet dansen’. Vervolgens bewoog ze gracieus en soepeltjes om me heen, ik stond erbij als een zoutzak in een mooi pak. Het contrast was helder, haar statement was gemaakt. Al wist zij niet wie ik was en wat mijn rol is in dit huis. Directeuren dansen niet. Hoogstens stiekem.

Theaters Tilburg programmeert graag veel moderne dans, er is veel publiek voor in Tilburg. Dat is bijzonder, maar niet zo vreemd. Dans lijkt populairder dan voorheen. Voor zowel de urban arts van ISH als de Junior Company van het Nationale Ballet stromen de zalen vol. In Tilburg houdt jong en oud van dans, met name komende maand spelen we in op die grote belangstelling. Dat doen we trouwens niet alleen. In Tilburg zijn alle stappen in de ontwikkeling van danstalent vertegenwoordigd. Van de jonge balletmeisjes (en -jongens!) bij Factorium, via de dansacademie en DansBrabant tot de toptalenten op de podia van de Nwe Vorst en Theaters Tilburg. Dus werken we in Tilburg Dansstad samen om te laten zien wat deze stad allemaal in petto heeft.

De populariteit van dans zie je ook nationaal. Bekende choreografen nemen zitting in de jury van ‘So you think you can dance’, de documentairereeks ‘Bloed, zweet en blaren’ toont de inspanningen back stage en in het Circustheater trekken vanaf november jonge dansende knapen volle zalen in de musical Billy Elliot. Oh ja, en choreografe Isabelle Beernaert siert dit seizoen niet voor niets onze website en magazine. Dat is mooi, van dansen wordt je vrolijk. Als je zelf danst, maar ook als je alleen maar kijkt. Het Tilburgse danspubliek is doorgaans dolenthousiast. Het zijn de momenten dat ik sta te glunderen in de zaal. Het applaus tovert de tranen in de ogen van de vermoeide jongelingen op het podium.

Dat enthousiasme bleek ook maar weer eens afgelopen zondag in de Tilburgse binnenstad. Bij de Dansdropping werd de winkelende massa geconfronteerd met dans op allerlei locaties. In de etalage van de V&D werkten jongeren zich in het zweet aan de barre, door de straten dansten vreemde wezens in fel groene kostuums, in de Emmapassage botsen argeloze bezoekers op de bizarre bewegingen en geluiden van Katja Heitmann. Dans hoeft niet alleen te plezieren, het mag ook schuren en schokken. Dus dat het publiek af en toe de wenkbrauwen fronst of een stapje terug moest doen, dat geeft niks.

Best bijzonder dat dans populair is, het is immers een behoorlijk abstracte kunstvorm. Wat doen die mensen daar nu eigenlijk op dat podium? Dans tilt je op, dans brengt verlichting in je hoofd. Hoewel, soms kan het beeld aardig heftig en zwaar zijn. Dan is de inleiding van die Vlaamse dame voor onze voorstellingen heel prettig. Dat je snapt waar het vandaan komt. Ze legt het graag aan je uit. Van de Franse hofdansen en de academische balletten, via Rudi van Dantzig en Hans van Manen tot nieuwe helden zoals onze ‘eigen’  Itamar Serussi Sahar die nu bij Scapino is geland.

In de voorstellingen van Oktober Dansmaand valt me op dat ook andere disciplines ons podium betreden. Het draait tegenwoordig om veel meer dan dans alleen. Morgen staat bijvoorbeeld de actrice Monic Hendrickx tussen vijf dansers van Het Nationale Ballet, de volgende dag speelt violiste Liza Ferschtman in de voorstelling van Leine en Roebana en even later deze maand klinken de sopranen van Opera Zuid naast de danstalenten van Emio Greco. En ik heb die voorstellingen nog niet gezien, maar volgens mij dansen die actrice, violiste en sopranen niet. Of wie weet, wie weet dansen ze stiekem. Ik hoop dat je het leuk vindt.

Wil je weten wat er te doen is deze maand? Bezoek de site www.tilburgdansstad.nl en je weet alles.

zondag 31 augustus 2014

Turbulent

We leven in een rare tijd. De wereld staat in brand. Tenminste, daar lijkt het wel op. De TV toont onthutsende beelden die dagenlang op mijn netvlies branden. Vreemd, tegelijkertijd verkopen wij bij Theaters Tilburg kaartjes en beloven ook wij u onvergetelijke momenten.  Het contrast lijkt groter dan ooit. Al is dat niet zo. Onoplosbare vraagstukken vragen om creativiteit, om verbeelding. De kracht van de kunsten schuilt voor mij altijd in het vermogen om de dingen anders te zien, vanuit een ander perspectief, door andere ogen. De waarheid bestaat niet, alleen perceptie telt. Er is altijd één oplossing meer dan je ziet. Voor grote én voor kleine problemen. Tenminste, dat geloof ik. En als je iets gelooft, dan is het zo.

Zo net na de vakantie is het voor een theaterdirecteur razend druk. We maken ons op voor een nieuw seizoen. We zien de kaartstanden en weten dat u als gast aarzelt, of op zijn minst een beetje afwacht. Was het voor het gros van de Tilburgers tien jaar geleden nog heel normaal om voor een heel seizoen theaterkaarten te kopen, nu leven we bij de waan van de dag. Dus is het voor ons zaak om zoveel mogelijk uw aandacht te trekken voor de veelbelovende voorstellingen en concerten in ons programma. Dat doen we gelukkig niet alleen. Ook de producenten zijn zich er van doordrongen dat ze zich landelijk moeten laten zien. Dus deed iedereen verschrikkelijk zijn best op de podia van de Amsterdamse UITmarkt dit weekend. Ik hoop dat u het een beetje hebt gevolgd op TV en in de kranten.

Maar goed, ik denk niet alleen aan kaartstanden, ook de veranderingen in ons gebouw vragen om aandacht. Ik ben erg benieuwd hoe u ons gerestylde restaurant gaat waarderen. Het is gewaagd dat nieuwe ontwerp, ik weet het. In economisch spannende tijden moet je bewegen. Wie stil zit wordt overreden. De Tilburgse binnenstedelijke horeca is deze maanden druk aan het investeren. Er zijn mooie plekjes bijgekomen, maar gelukkig is er maar één restaurant Lucebert. Dus kom maar eens eten, straks als u weer onze voorstellingen bezoekt.

En natuurlijk zijn ook ambtenaren, raadleden en wethouders teruggekeerd van vakantie. Om zich te storten in de voorbereidingen voor de begroting 2015. In de zomer is een perspectiefnota geschreven. Ik ben blij dat een deel van de suggesties uit mijn vorige blog aansluit op de accenten die het college legt op het terrein van cultuur. Die match is niet vreemd. Dat is het mooie van democratie, dat de mensen die we samen hebben verkozen met ons overleggen. Ja toch? Vandaar dat ik bij de inspraakavond kan bevestigen dat niet alleen ik, maar ook mijn culturele collega’s zich wel kunnen vinden in de accenten uit die nota.

Ik weet niet of u die nota heeft gelezen. De accenten zijn herkenbaar, doch daarmee niet minder belangrijk. Het gaat over talent dat de kans moet krijgen zich te ontwikkelen, over de ambitie om iedereen van dat fraais te laten genieten, over het sterk houden van de culturele voedingsbodem en tenslotte over het zichtbaar maken van het toptalent dat deze stad herbergt. Natuurlijk zijn we het daarmee eens. Al maken we ons zorgen. Want met al die bezuinigingen van de afgelopen jaren en stijgende vaste lasten is de ruimte om in te spelen op de eisen van de tijd steeds krapper geworden. We vallen nog niet om, maakt u zich geen zorgen, maar ook in de cultuursector is niets meer vanzelfsprekend.

We maken in deze tijden keuzes en concentreren onze aandacht. Wat de gezamenlijke evenementen betreft richten we ons volgende maand op de Cultuurnacht en de Dansdropping. Dat betekent dat het charmante gratis nieuwjaarsfestival Frisse Oren sneuvelt. Een simpele afweging van kosten en baten, van inspanningen versus bereik. Al doen dat soort keuzes wel pijn, de laagdrempeligheid van onze podia wordt immers aangetast. Maar goed, we laten ons niet uit het veld slaan. Binnen de nauwe marges waarbinnen we nu werken blijven we open staan voor nieuwe projecten, voor nieuwe makers op onze podia. Gelukkig heeft het college daarvoor wat middelen gereserveerd. Ze kunnen er op rekenen dat wij er, samen met de andere cultuurinstellingen uit deze stad, de schouders onder zetten. Want al zijn deze tijden turbulent en lastig te vatten, together we stand.

Oh ja, morgen mag ik namens negen Tilburgse cultuurbedrijven inspreken bij de gemeenteraad. Die tekst vindt u hier.